Herstel vraagt moed 🩷

Over jezelf verliezen, muren bouwen en langzaam weer leren leven.

Soms denk ik weleens: jeetje, wat heeft een mens eigenlijk allemaal nodig om zichzelf volledig kwijt te raken?

En misschien nog wel belangrijker: hoeveel moed heb je nodig om jezelf daarna weer terug te vinden?

In mijn vorige blog schreef ik over het leven dat ik soms mis. Over terugkijken naar een tijd waarvan ik inmiddels weet dat die helemaal niet goed voor me was.

En toch mis je soms iets.

Niet omdat je terug wilt. Maar omdat herstellen niet betekent dat je ineens alles begrijpt, verwerkt hebt en vrolijk verder huppelt alsof er nooit iets gebeurd is.

Was het maar zo’n feest. Dan had ik inmiddels een diploma Herstellen voor Gevorderden aan de muur hangen.

Maar herstel werkt anders.

Wanneer zorgen voor anderen vanzelfsprekend wordt

Ik ben iemand die ontzettend veel liefde kan geven. Altijd geweest.

Ik voel stemmingen aan, merk wanneer iemand niet lekker in zijn vel zit en probeer dan bijna automatisch iets te doen om het beter te maken.

Een luisterend oor, een oplossing, een beetje extra aandacht.

En voor je het weet, ben je de persoonlijke hulpdienst van iedereen om je heen.

Alleen één klein probleempje.

Wie zorgt er eigenlijk voor jou?

Die vraag heb ik mezelf jarenlang nauwelijks gesteld.

Ik was gewend om dingen zelf op te lossen. Om door te gaan. Om sterk te zijn. Om vooral niemand lastig te vallen met mijn eigen verdriet.

En ergens onderweg werd dat mijn tweede natuur.

Niet omdat ik geen hulp nodig had.

Maar omdat ik niet meer wist hoe ik erom moest vragen.

En ik weet inmiddels dat ik daarin absoluut niet de enige ben.

Er zijn zoveel mensen die al jarenlang voor anderen zorgen, problemen oplossen en zichzelf ondertussen volledig vergeten.

Mensen die altijd zeggen dat het goed gaat, terwijl ze vanbinnen eigenlijk ontzettend moe zijn.

Een muur bouwen is makkelijker dan hem afbreken

Als je vaak genoeg teleurgesteld raakt, gebeurt er iets bijzonders.

Je wordt zelfstandig. Onafhankelijk. Sterk.

Tenminste, zo ziet het er aan de buitenkant uit.

Vanbinnen kan het er behoorlijk anders aan toegaan.

Want achter die zelfstandigheid zit soms gewoon iemand die ontzettend graag wil dat er eens een ander zegt:

‘Kom maar, ik help je wel.’

Maar ja, probeer dat maar eens toe te laten als je jarenlang hebt geroepen dat je het allemaal prima zelf kunt.

Ik heb mensen van me afgeduwd. Ook mensen die het goed met me voorhadden.

Niet omdat ik niet van ze hield.

Maar omdat dichtbij laten komen ook betekent dat iemand je pijn kan doen.

En daar had ik eerlijk gezegd mijn portie wel van gehad.

Dus bouwde ik muren.

Stevige muren ook. Volgens mij had ik er inmiddels een complete Amsterdamse grachtenwoning van kunnen bouwen.

Alleen werd het achter die muren soms behoorlijk eenzaam.

En dat is misschien wel het verdrietige aan jezelf beschermen.

Soms sluit je niet alleen de mensen buiten die je pijn kunnen doen, maar ook degenen die juist iets moois aan je leven willen toevoegen.

Liefde geven is niet hetzelfde als jezelf weggeven

Dit is misschien wel een van de grootste lessen die ik aan het leren ben.

Je kunt ontzettend veel van iemand houden en jezelf ondertussen volledig verliezen.

Je kunt blijven begrijpen, vergeven, helpen en hopen.

Omdat je ergens gelooft dat als je maar genoeg liefde geeft, die liefde vanzelf terugkomt.

Maar zo werkt het niet altijd.

Sommige mensen waarderen je liefde.

Anderen raken eraan gewend.

En weer anderen nemen zoveel als je bereid bent te geven, zonder zich ooit af te vragen wat er voor jou overblijft.

Dat onderscheid heb ik lang niet altijd kunnen maken.

Gelukkig zijn er ook mensen geweest die mijn zachte kant juist hebben gekoesterd. Mensen die niet verdwenen toen het moeilijk werd. Die bleven, ook wanneer ik zelf niet goed wist hoe ik iemand dichtbij moest laten.

En juist die mensen laten me zien dat liefde niet altijd ingewikkeld hoeft te zijn.

Dat je niet voortdurend hoeft te vechten om gezien te worden.

En dat je niet eerst iets hoeft te betekenen voor een ander om zelf van betekenis te zijn.

De pijn van niet gezien worden

Wat ik steeds beter begin te begrijpen, is dat sommige gevoelens veel dieper zitten dan je in eerste instantie denkt.

Het gevoel dat je niet gehoord wordt.

Dat je behoeften er niet toe doen.

Dat je sterk moet zijn, omdat er toch niemand komt om je te helpen.

Soms draag je zulke overtuigingen jarenlang met je mee, zonder dat je doorhebt hoeveel invloed ze hebben op je keuzes.

Je leert jezelf wegcijferen. Je leert je gevoelens inslikken. Je leert vooral niet te veel te verwachten.

En ondertussen blijf je verlangen naar precies datgene wat je zo moeilijk kunt toelaten.

Liefde. Veiligheid. Verbinding.

Dat is toch eigenlijk een bijzonder ingewikkelde combinatie?

Je wilt graag dat iemand dichtbij komt, maar zodra iemand te dichtbij komt, gaat er ergens een alarmbel af.

En voor je het weet, sta je alweer met je emotionele verhuisdozen klaar.

Wegwezen. Terug achter die veilige muur.

Terwijl je diep vanbinnen misschien helemaal niet weg wilt.

Je wilt gewoon weten dat het veilig is om te blijven.

Herstel is mensenwerk

Ik schrijf vanuit mijn eigen ervaringen, maar ik weet dat mijn verhaal niet alleen van mij is.

We dragen allemaal iets met ons mee.

Sommige mensen hebben geleerd om altijd voor anderen klaar te staan. Anderen hebben geleerd hun verdriet te verbergen, omdat kwetsbaarheid ooit onveilig voelde.

En weer anderen hebben zichzelf zo lang aangepast aan hun omgeving dat ze nauwelijks nog weten wat ze zelf eigenlijk nodig hebben.

Je ziet het niet altijd aan iemand.

Achter een grote glimlach kan verdriet schuilgaan. Achter zelfstandigheid een diep verlangen naar steun. En achter iemand die altijd roept ‘ik red me wel’, kan zomaar iemand zitten die al jaren hoopt dat er eens iemand vraagt:

‘Maar hoe gaat het eigenlijk écht met jou?’

Dat is wat ik steeds meer begin te begrijpen.

Herstel gaat niet alleen over stoppen met iets wat slecht voor je is.

Het gaat ook over ontdekken waarom je bepaalde dingen zo lang hebt volgehouden.

Waarom je jezelf steeds op de laatste plaats zette.

Waarom je liefde bleef zoeken op plekken waar je vooral teleurstelling vond.

En waarom hulp vragen soms moeilijker voelt dan alles zelf blijven dragen.

Die vragen zijn niet altijd prettig.

Maar ze kunnen wel het begin zijn van verandering.

Herstel vraagt moed

Want herstellen van middelengebruik is één ding.

Maar herstellen van alles wat daaronder ligt?

Dat is een heel ander verhaal.

Dan kom je jezelf tegen.

Je patronen. Je angsten. Je verdriet. De momenten waarop je jezelf hebt weggecijferd omdat de behoeften van een ander belangrijker leken dan die van jou.

En soms ontdek je dat je al heel lang aan het overleven was, terwijl je dacht dat je gewoon aan het leven was.

Dat besef kan behoorlijk binnenkomen.

Want ineens begrijp je waarom je bepaalde keuzes hebt gemaakt. Waarom je zo lang bent gebleven waar je niet gelukkig was. Waarom je bleef geven terwijl je eigenlijk niets meer overhad.

En waarom rust soms nog zo onwennig voelt.

Herstel vraagt de moed om daar eerlijk naar te kijken.

Niet om jezelf opnieuw te veroordelen.

Maar om jezelf eindelijk een beetje beter te begrijpen.

Ik hoef niet meer alles alleen te doen

Sinds ik weer in Amsterdam woon, merk ik hoeveel er aan het veranderen is.

Niet alleen om me heen, maar vooral in mezelf.

Ik heb mijn eigen plek. Mijn dagelijkse ritme. Mijn wandelingen, mijn sportmomenten, mijn schrijfwerk en mijn kleine geluksmomentjes.

En natuurlijk zijn er dagen waarop ik me fantastisch voel.

Maar er zijn ook dagen waarop oude gevoelens ineens weer bovenkomen.

Waarop ik merk dat die sterke, zelfstandige versie van mezelf ook gewoon behoefte heeft aan een beetje zachtheid.

En voor het eerst probeer ik daar niet meteen voor weg te lopen.

Ik hoef niet iedere emotie op te lossen.

Ik hoef niet altijd de sterke te zijn.

En ik hoef mezelf al helemaal niet meer te bewijzen door alles alleen te dragen.

Dat is misschien nog wel het moeilijkste onderdeel van mijn herstel.

Leren ontvangen wat ik zo gemakkelijk aan anderen geef.

En accepteren dat mensen soms oprecht iets voor je willen doen, zonder dat je daar onmiddellijk iets tegenover hoeft te zetten.

Ja, dat laatste blijft nog even oefenen.

Want mijn automatische reactie is nog regelmatig: ‘Nee joh, hoeft niet, ik regel het wel!’

En dan denk ik achteraf: mens, je wilde toch juist leren om hulp te ontvangen?

Nou, we zijn ermee bezig. Stapje voor stapje.

Opstaan betekent niet dat je nooit meer valt

Ik ben 39.

En ik ben nog lang niet klaar met leren.

Soms vind ik dat confronterend. Dan denk ik: had ik dit niet twintig jaar geleden kunnen ontdekken?

Had een hoop ellende gescheeld.

Maar misschien werkt het leven gewoon niet zo.

Misschien moet je soms eerst ontdekken hoeveel je jezelf hebt weggecijferd, voordat je begrijpt waarom het zo belangrijk is om eindelijk voor jezelf te kiezen.

En dat geldt niet alleen voor mij.

Er zijn zoveel mensen die jarenlang rondlopen met verdriet dat nooit echt aandacht heeft gekregen.

Die blijven doorgaan omdat ze niet anders gewend zijn.

Die zichzelf hebben aangeleerd om vooral niet lastig te zijn.

Maar je hoeft niet eerst volledig vast te lopen voordat je aandacht mag geven aan je eigen pijn.

Je hoeft niet te wachten tot iemand anders je toestemming geeft om voor jezelf te kiezen.

En je hoeft al helemaal niet te bewijzen hoe sterk je bent door alles alleen te blijven doen.

Ik kan mijn verleden niet veranderen.

Ik kan niet teruggaan en alles anders doen.

Maar ik kan vandaag wel andere keuzes maken.

Ik kan leren mijn grenzen aan te geven. Hulp te vragen. Mensen dichterbij te laten komen zonder mezelf daarin te verliezen.

En bovenal kan ik leren dat mijn gevoelens er ook mogen zijn.

Want herstel vraagt niet alleen de moed om weg te lopen van wat je beschadigt. Het vraagt ook de moed om te geloven dat je iets beters verdient.

En misschien is dat precies waar mijn nieuwe leven begint.

Niet bij de persoon die altijd alles aankon.

Maar bij iemand die eindelijk begrijpt dat dat ook helemaal niet hoeft.

En als jij jezelf ergens in mijn verhaal herkent, hoop ik dat je één ding meeneemt:

Je hoeft niet altijd degene te zijn die iedereen overeind houdt.

Soms mag je zelf ook even leunen.

Dat maakt je niet minder sterk.

Dat maakt je mens. 🩷


Herken jij het gevoel dat je jarenlang voor anderen klaarstond, maar jezelf ergens onderweg vergat? Of dat je het moeilijk vindt om hulp of liefde te ontvangen? Ik ben benieuwd hoe jij daarmee omgaat.

Beauty Beyond — achter ieder mens schuilt een verhaal.

Over jezelf verliezen, muren bouwen en langzaam weer leren leven.

Soms denk ik weleens: jeetje, wat heeft een mens eigenlijk allemaal nodig om zichzelf volledig kwijt te raken?

En misschien nog wel belangrijker: hoeveel moed heb je nodig om jezelf daarna weer terug te vinden?

In mijn vorige blog schreef ik over het leven dat ik soms mis. Over terugkijken naar een tijd waarvan ik inmiddels weet dat die helemaal niet goed voor me was.

En toch mis je soms iets.

Niet omdat je terug wilt. Maar omdat herstellen niet betekent dat je ineens alles begrijpt, verwerkt hebt en vrolijk verder huppelt alsof er nooit iets gebeurd is.

Was het maar zo’n feest. Dan had ik inmiddels een diploma Herstellen voor Gevorderden aan de muur hangen.

Maar herstel werkt anders.

Wanneer zorgen voor anderen vanzelfsprekend wordt

Ik ben iemand die ontzettend veel liefde kan geven. Altijd geweest.

Ik voel stemmingen aan, merk wanneer iemand niet lekker in zijn vel zit en probeer dan bijna automatisch iets te doen om het beter te maken.

Een luisterend oor, een oplossing, een beetje extra aandacht.

En voor je het weet, ben je de persoonlijke hulpdienst van iedereen om je heen.

Alleen één klein probleempje.

Wie zorgt er eigenlijk voor jou?

Die vraag heb ik mezelf jarenlang nauwelijks gesteld.

Ik was gewend om dingen zelf op te lossen. Om door te gaan. Om sterk te zijn. Om vooral niemand lastig te vallen met mijn eigen verdriet.

En ergens onderweg werd dat mijn tweede natuur.

Niet omdat ik geen hulp nodig had.

Maar omdat ik niet meer wist hoe ik erom moest vragen.

En ik weet inmiddels dat ik daarin absoluut niet de enige ben.

Er zijn zoveel mensen die al jarenlang voor anderen zorgen, problemen oplossen en zichzelf ondertussen volledig vergeten.

Mensen die altijd zeggen dat het goed gaat, terwijl ze vanbinnen eigenlijk ontzettend moe zijn.

Een muur bouwen is makkelijker dan hem afbreken

Als je vaak genoeg teleurgesteld raakt, gebeurt er iets bijzonders.

Je wordt zelfstandig. Onafhankelijk. Sterk.

Tenminste, zo ziet het er aan de buitenkant uit.

Vanbinnen kan het er behoorlijk anders aan toegaan.

Want achter die zelfstandigheid zit soms gewoon iemand die ontzettend graag wil dat er eens een ander zegt:

‘Kom maar, ik help je wel.’

Maar ja, probeer dat maar eens toe te laten als je jarenlang hebt geroepen dat je het allemaal prima zelf kunt.

Ik heb mensen van me afgeduwd. Ook mensen die het goed met me voorhadden.

Niet omdat ik niet van ze hield.

Maar omdat dichtbij laten komen ook betekent dat iemand je pijn kan doen.

En daar had ik eerlijk gezegd mijn portie wel van gehad.

Dus bouwde ik muren.

Stevige muren ook. Volgens mij had ik er inmiddels een complete Amsterdamse grachtenwoning van kunnen bouwen.

Alleen werd het achter die muren soms behoorlijk eenzaam.

En dat is misschien wel het verdrietige aan jezelf beschermen.

Soms sluit je niet alleen de mensen buiten die je pijn kunnen doen, maar ook degenen die juist iets moois aan je leven willen toevoegen.

Liefde geven is niet hetzelfde als jezelf weggeven

Dit is misschien wel een van de grootste lessen die ik aan het leren ben.

Je kunt ontzettend veel van iemand houden en jezelf ondertussen volledig verliezen.

Je kunt blijven begrijpen, vergeven, helpen en hopen.

Omdat je ergens gelooft dat als je maar genoeg liefde geeft, die liefde vanzelf terugkomt.

Maar zo werkt het niet altijd.

Sommige mensen waarderen je liefde.

Anderen raken eraan gewend.

En weer anderen nemen zoveel als je bereid bent te geven, zonder zich ooit af te vragen wat er voor jou overblijft.

Dat onderscheid heb ik lang niet altijd kunnen maken.

Gelukkig zijn er ook mensen geweest die mijn zachte kant juist hebben gekoesterd. Mensen die niet verdwenen toen het moeilijk werd. Die bleven, ook wanneer ik zelf niet goed wist hoe ik iemand dichtbij moest laten.

En juist die mensen laten me zien dat liefde niet altijd ingewikkeld hoeft te zijn.

Dat je niet voortdurend hoeft te vechten om gezien te worden.

En dat je niet eerst iets hoeft te betekenen voor een ander om zelf van betekenis te zijn.

De pijn van niet gezien worden

Wat ik steeds beter begin te begrijpen, is dat sommige gevoelens veel dieper zitten dan je in eerste instantie denkt.

Het gevoel dat je niet gehoord wordt.

Dat je behoeften er niet toe doen.

Dat je sterk moet zijn, omdat er toch niemand komt om je te helpen.

Soms draag je zulke overtuigingen jarenlang met je mee, zonder dat je doorhebt hoeveel invloed ze hebben op je keuzes.

Je leert jezelf wegcijferen. Je leert je gevoelens inslikken. Je leert vooral niet te veel te verwachten.

En ondertussen blijf je verlangen naar precies datgene wat je zo moeilijk kunt toelaten.

Liefde. Veiligheid. Verbinding.

Dat is toch eigenlijk een bijzonder ingewikkelde combinatie?

Je wilt graag dat iemand dichtbij komt, maar zodra iemand te dichtbij komt, gaat er ergens een alarmbel af.

En voor je het weet, sta je alweer met je emotionele verhuisdozen klaar.

Wegwezen. Terug achter die veilige muur.

Terwijl je diep vanbinnen misschien helemaal niet weg wilt.

Je wilt gewoon weten dat het veilig is om te blijven.

Herstel is mensenwerk

Ik schrijf vanuit mijn eigen ervaringen, maar ik weet dat mijn verhaal niet alleen van mij is.

We dragen allemaal iets met ons mee.

Sommige mensen hebben geleerd om altijd voor anderen klaar te staan. Anderen hebben geleerd hun verdriet te verbergen, omdat kwetsbaarheid ooit onveilig voelde.

En weer anderen hebben zichzelf zo lang aangepast aan hun omgeving dat ze nauwelijks nog weten wat ze zelf eigenlijk nodig hebben.

Je ziet het niet altijd aan iemand.

Achter een grote glimlach kan verdriet schuilgaan. Achter zelfstandigheid een diep verlangen naar steun. En achter iemand die altijd roept ‘ik red me wel’, kan zomaar iemand zitten die al jaren hoopt dat er eens iemand vraagt:

‘Maar hoe gaat het eigenlijk écht met jou?’

Dat is wat ik steeds meer begin te begrijpen.

Herstel gaat niet alleen over stoppen met iets wat slecht voor je is.

Het gaat ook over ontdekken waarom je bepaalde dingen zo lang hebt volgehouden.

Waarom je jezelf steeds op de laatste plaats zette.

Waarom je liefde bleef zoeken op plekken waar je vooral teleurstelling vond.

En waarom hulp vragen soms moeilijker voelt dan alles zelf blijven dragen.

Die vragen zijn niet altijd prettig.

Maar ze kunnen wel het begin zijn van verandering.

Herstel vraagt moed

Want herstellen van middelengebruik is één ding.

Maar herstellen van alles wat daaronder ligt?

Dat is een heel ander verhaal.

Dan kom je jezelf tegen.

Je patronen. Je angsten. Je verdriet. De momenten waarop je jezelf hebt weggecijferd omdat de behoeften van een ander belangrijker leken dan die van jou.

En soms ontdek je dat je al heel lang aan het overleven was, terwijl je dacht dat je gewoon aan het leven was.

Dat besef kan behoorlijk binnenkomen.

Want ineens begrijp je waarom je bepaalde keuzes hebt gemaakt. Waarom je zo lang bent gebleven waar je niet gelukkig was. Waarom je bleef geven terwijl je eigenlijk niets meer overhad.

En waarom rust soms nog zo onwennig voelt.

Herstel vraagt de moed om daar eerlijk naar te kijken.

Niet om jezelf opnieuw te veroordelen.

Maar om jezelf eindelijk een beetje beter te begrijpen.

Ik hoef niet meer alles alleen te doen

Sinds ik weer in Amsterdam woon, merk ik hoeveel er aan het veranderen is.

Niet alleen om me heen, maar vooral in mezelf.

Ik heb mijn eigen plek. Mijn dagelijkse ritme. Mijn wandelingen, mijn sportmomenten, mijn schrijfwerk en mijn kleine geluksmomentjes.

En natuurlijk zijn er dagen waarop ik me fantastisch voel.

Maar er zijn ook dagen waarop oude gevoelens ineens weer bovenkomen.

Waarop ik merk dat die sterke, zelfstandige versie van mezelf ook gewoon behoefte heeft aan een beetje zachtheid.

En voor het eerst probeer ik daar niet meteen voor weg te lopen.

Ik hoef niet iedere emotie op te lossen.

Ik hoef niet altijd de sterke te zijn.

En ik hoef mezelf al helemaal niet meer te bewijzen door alles alleen te dragen.

Dat is misschien nog wel het moeilijkste onderdeel van mijn herstel.

Leren ontvangen wat ik zo gemakkelijk aan anderen geef.

En accepteren dat mensen soms oprecht iets voor je willen doen, zonder dat je daar onmiddellijk iets tegenover hoeft te zetten.

Ja, dat laatste blijft nog even oefenen.

Want mijn automatische reactie is nog regelmatig: ‘Nee joh, hoeft niet, ik regel het wel!’

En dan denk ik achteraf: mens, je wilde toch juist leren om hulp te ontvangen?

Nou, we zijn ermee bezig. Stapje voor stapje.

Opstaan betekent niet dat je nooit meer valt

Ik ben 39.

En ik ben nog lang niet klaar met leren.

Soms vind ik dat confronterend. Dan denk ik: had ik dit niet twintig jaar geleden kunnen ontdekken?

Had een hoop ellende gescheeld.

Maar misschien werkt het leven gewoon niet zo.

Misschien moet je soms eerst ontdekken hoeveel je jezelf hebt weggecijferd, voordat je begrijpt waarom het zo belangrijk is om eindelijk voor jezelf te kiezen.

En dat geldt niet alleen voor mij.

Er zijn zoveel mensen die jarenlang rondlopen met verdriet dat nooit echt aandacht heeft gekregen.

Die blijven doorgaan omdat ze niet anders gewend zijn.

Die zichzelf hebben aangeleerd om vooral niet lastig te zijn.

Maar je hoeft niet eerst volledig vast te lopen voordat je aandacht mag geven aan je eigen pijn.

Je hoeft niet te wachten tot iemand anders je toestemming geeft om voor jezelf te kiezen.

En je hoeft al helemaal niet te bewijzen hoe sterk je bent door alles alleen te blijven doen.

Ik kan mijn verleden niet veranderen.

Ik kan niet teruggaan en alles anders doen.

Maar ik kan vandaag wel andere keuzes maken.

Ik kan leren mijn grenzen aan te geven. Hulp te vragen. Mensen dichterbij te laten komen zonder mezelf daarin te verliezen.

En bovenal kan ik leren dat mijn gevoelens er ook mogen zijn.

Want herstel vraagt niet alleen de moed om weg te lopen van wat je beschadigt. Het vraagt ook de moed om te geloven dat je iets beters verdient.

En misschien is dat precies waar mijn nieuwe leven begint.

Niet bij de persoon die altijd alles aankon.

Maar bij iemand die eindelijk begrijpt dat dat ook helemaal niet hoeft.

En als jij jezelf ergens in mijn verhaal herkent, hoop ik dat je één ding meeneemt:

Je hoeft niet altijd degene te zijn die iedereen overeind houdt.

Soms mag je zelf ook even leunen.

Dat maakt je niet minder sterk.

Dat maakt je mens. 🩷


Herken jij het gevoel dat je jarenlang voor anderen klaarstond, maar jezelf ergens onderweg vergat? Of dat je het moeilijk vindt om hulp of liefde te ontvangen? Ik ben benieuwd hoe jij daarmee omgaat.

Beauty Beyond — achter ieder mens schuilt een verhaal.

Geef een reactie

Ontdek meer van Beauty Beyond

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder